suriname Naar Voorpagina

  


   
ONDERDELEN
MariŽnburg
 suriname  MariŽnburg 1
 suriname  MariŽnburg 2
 suriname  MariŽnburg 3
 suriname  MariŽnburg 4

ONDERWERPEN
Geschiedenis
 suriname  Immigratie Algemeen
 suriname  Javaanse immigratie
 suriname  Donko's tot Guides
 suriname  Brieven v. Wetten
 suriname  Suriname bevolkt
 suriname  Slavernij
 suriname  De 20 ste eeuw
 suriname  Indianen (oorspr.)
 suriname  Paramaribo
 suriname  Albina
 suriname  MariŽnburg
 suriname  Oude kaarten
 suriname  Archieven-wijzer
 suriname  Post en postzegels
 suriname  Batavia
 suriname  Goslar
 suriname  Goud-zaken
 suriname  Geld-zaken
 suriname  Het Park
 suriname  Korps Politie
 suriname  Treinen
 suriname  Forten
 suriname  Westgrens
 suriname  Samenvattingen
     ( Engels )


AFDELINGEN
  suriname Algemeen
 suriname De Douane
  suriname Telefoonboek
  suriname Bevolking
  suriname Distrikten
  suriname Reis info
  suriname Cultureel erfgoed
  suriname Geschiedenis
  suriname Foto's
  suriname Natuur
  suriname Personen
  suriname Koken / recepten
  suriname Vragen over NIBA
  suriname Wat is ANDA

     
SURINAME  surinameAFDELINGEN - suriname Geschiedenis - - MariŽnburg

 suriname . NU terug
 

Bron: Dr. André Loor; MariŽnburg 100 jaar.


    MARIËNBURG

De plantages die aan MariŽnburg riet zouden leveren produceerden in 1882 samen nog geen 2000 ton suiker, maar door de betere productie technieken van MariŽnburg verwachtte men in de eerste campagne al 3000 ton te halen. Maar de grote toename zou komen als de plantages hun aanplant zouden uitbreiden. En de plannen daarvoor bestonden al. De verwachtingen waren hooggespannen! In werkelijkheid liep alles anders.

De internationale suikermarkt was in de jaren 1880 ongunstig, waar door de suikerplantages geen of slechts weinig winst maakten. Bovendien beleefde cacao toen een bloeiperiode, waardoor de planters meer belangstelling hadden voor deze cultuur.

Het gevolg van dit alles was dat de aanplantingen van suiker werden ingekrompen of soms zelfs geheel stopgezet. De leveringen van suikerriet aan MariŽnburg liepen daardoor terug, waardoor er niet voldoende toevoer was om de fabriek economisch te exploiteren. MariŽnburg moest noodgedwongen zelf de cultuur van suikerriet ter hand nemen.
1956 (de Bray)

MariŽnburg was dus een gewone suikerplantage geworden. Fabricage en cultuur waren niet langer gescheiden. Dit heeft belangrijke gevolgen gehad voor de onderneming: - er moesten meer mensen in dienst worden genomen - er moesten meer arbeiderswoningen worden gebouwd - ook andere voorzieningen moesten aan de uitbreiding worden aangepast - de onderneming kocht ook andere plantages aan, waardoor het bedrijf uitgroeide tot verreweg het grootste van Suriname met meer dan 2000 arbeiders.

De arbeidersmacht van MariŽnburg werd in het begin gevormd door vrijverklaarden en hun nakomelingen en door immigranten uit China, West-IndiŽ en Brits-IndiŽ Door de uitbreiding van de activiteiten was de zorg voor aanvoer van voldoende immigranten voor de onderneming erg belangrijk geworden. Daarom liet zij in 1890 Javaanse immigranten halen voor MariŽnburg. Dit werd een succes en vanaf dit jaar zijn meer dan dertigduizend immigranten uit Java naar ons land gekomen.

De arbeidsvoorwaarden en leefomstandigheden op MariŽnburg verschilden niet veel met die van andere plantages. De immigranten hadden recht op vrij wonen. In de kampong waren woonblokken gebouwd, elk met 4 tot 6 kamers. Voor elk gezin een kamer met een klein terrasje ervoor. Onder een afdakje achter het huis werd gekookt. Water werd opgevangen in vaten, maar in de droge tijd moest het met emmers worden aangevoerd. Voor verlichting gebruikte men de kokolampoe of een petroleumlamp, maar later kregen de huisjes ook electrische verlichting.

De immigranten hadden vaak een eigen tuintje waar ze wat levensmiddelen verbouwden voor eigen gebruik.
Ook konden ze het dagelijks menu aanvullen met vis die toen nog overvloedig te vangen was in de loostrenzen van de plantage. De plantagewinkel was door de onderneming verpacht aan een Chinees. Als de arbeiders aan het werk gingen werden de kleine kinderen verzorgd door een oude immigrantenvrouw.

Deze verzorging liet vaak veel te wensen over. "Naakt of bijna naakt liggen de kinderen, op den planken vloer verspreid, nu eens slapend, ofschoon erbarmelijk geplaagd door de vele vliegen en andere insecten, dan weer hevig schreiend om hulp of om voedsel. "De grotere kinderen konden naar school, waar er soms speciale onderwijzers waren om de kinderen op te vangen in de eigen taal. Het minimumloon voor de immigranten bedroeg voor de vrouwen 40 cent en voor de mannen 60 cent per dag. Later werden deze bedragen verhoogd tot resp. 60 en 80 cent. De werkzaamheden werden echter vaak als taakwerk verricht, waardoor veel immigranten meer konden verdienen dan het voorgeschreven minimum.

De immigranten hadden ook recht op vrije geneeskundige behandeling. Hiervoor had de maatschappij op het emplacement een eigen ziekenhuis met vijf zalen. Een voor opzichters en niet-immigranten, een voor de vrouwen en drie voor de mannen. Elke zaal had zijn eigen latrine en badgelegenheid.

In elke samenleving komen er wel eens spanningen voor. MariŽnburg vormde op deze regel geen uitzondering. Een absoluut dieptepunt, niet alleen voor MariŽnburg maar voor heel Suriname, was in dit opzicht, het jaar 1902. De arbeiders waren niet tevreden met het loon dat ze ontvingen en vielen de directeur aan. Deze vluchtte, maar werd door de woedende menigte doodgekapt.
De politie arresteerde de volgende dag enkele verdachten van de moord, maar de immigranten drongen op en eisten de vrijlating van gevangenen. Na enkele waarschuwingen schoot de aangetreden militaire troep en er vielen 24 doden. Enkele weken later werden voor de moord op de directeur acht personen veroordeeld tot 12 jaren dwangarbeid.
Hoewel ook in latere jaren zich wel eens ongeregeldheden hebben voorgedaan, konden excessen zoals in 1902 gelukkig worden voorkomen. Krantencommentaren van die dagen geven ons wel een indruk van de machtspositie van de directeur en van de machtsmisbruiken die er bestonden op de plantage.
Met betrekking tot de moord rouleerde onder de immigranten ook een ander verhaal.

De vrouw van een der immigranten werkte als dienstmeisje bij de directeur, die ongeoorloofde betrekkingen met haar onderhield. De man van deze vrouw, gekweld door jaloezie, werd door de andere ontevreden immigranten opgestookt en hij besloot de directeur te vermoorden. Met geslepen houwer ging hij bij de ingang van de fabriek zitten wachten. Toen de directeur daar verscheen werd hij door de jaloerse man in stukken gekapt. Cynisch vertelde men erbij dat met een hark de stukjes bij elkaar geharkt moesten worden.

Deze moord was het sein voor een algemene opstand.





suriname . NU  naar boven



Ontwerp © Webteam Suriname - Afdeling Suriname - Zwartenhovenbrugstraat - Paramaribo -
Last update:






   ††